Artikelen



Zoeken naar informatie: een tijdrovende klus binnen de lessen

Natuurlijk kun je leerlingen de bibliotheek insturen als ze op zoek zijn naar informatie, maar hebt u dan de illusie dat ze daar een boekje gaan halen en dat vervolgens nauwkeurig bestuderen? Ik ben moeder van twee middelbare scholieren en ben mijn loopbaan ooit begonnen als bibliothecaris. Ik kan u verzekeren dat mijn kinderen zijn opgevoed met en tussen de boeken. Maar daarin wat opzoeken? Ho maar! Daar hebben we tegenwoordig toch internet voor? Veel makkelijker, veel sneller en vooral: veel leuker! Voor leerlingen van nu is de bibliotheek geen plek meer waar je leuke (of minder leuke) boeken kunt vinden, maar de plaats waar de vrij toegankelijke computers op school te vinden zijn.

Hoe ga je daar nou mee om in de les? Zoeken op internet is een vak apart en vaak komen leerlingen van hun queeste op internet terug met dubieuze informatie: boeksamenvattingen die je doen vermoeden dat het betreffende boek niet eens is ingezien, gekleurde informatie over de oorlog in Irak, commercieel getinte informatie over voedingsleer enz. De meeste docenten kiezen er daarom voor om zelf maar een lijstje op te stellen van goedgekeurd bronnenmateriaal op internet. Een prima stap, maar van daaruit hoeft u nog maar een kleine stap te zetten naar een nieuwe manier van lesgeven met internetmateriaal: de webquest. De webquest is een methode waarmee u de leerling niet alleen met internetbronnen aan de slag laat gaan, maar waarmee u tevens bereikt dat uw leerlingen met extra motivatie aan de slag gaan, leren samenwerken en zich zelf te bezinnen op hetgeen ze gedaan hebben.

 

Webquest

De webquest is ooit ontwikkeld als een manier waarop leerlingen gestructureerd aan de slag konden gaan met informatie op internet zonder daar heel veel tijd in te hoeven steken. Maar daarnaast vindt de webquest zijn didactische grondslag in de ideeën van Marzano. Marzano ontwierp een onderwijskundige theorie waarin het leren in 5 hoofdaspecten wordt ondergebracht:

  1. motivatie

  2. nieuwe kennis verwerven en integreren

  3. kennis verbreden en verdiepen.

  4. onderzoek doen

  5. reflectie.

 

In het kort komt de theorie hierop neer: vanuit een goede motivatie kan een leerling nieuwe kennis verwerven en integreren. Vervolgens kan hij die kennis verbreden en verdiepen door ermee aan de slag te gaan, bijv. door de opgedane kennis te vergelijken met wat hij eerder heeft gehoord of door conclusies uit het geleerde te trekken. Een leerling kan vervolgens deze kennis toepassen in betekenisvolle situaties door het doen van onderzoek. En tot slot kan de leerling reflecteren op zijn eigen functioneren: hoe is het leerproces verlopen en hoe kan ik een volgende keer te werk gaan om mijn aanpak te verbeteren?

Op basis van deze theorie is de webquest ontwikkeld: een manier van leren waarbij de leerling de verschillende dimensies van het leren doorloopt door in groepsverband te werken aan een levensechte opdracht. Een webquest maakt daarbij, zoals de naam al zegt, gebruik van het web, enerzijds doordat de leerling de opdracht aangeboden krijgt via het web, anderzijds doordat (een deel van) het bronnenmateriaal op internet gezocht moet worden.

Onderdelen webquest

De webquest bestaat uit een aantal vaste onderdelen:

1.      de inleiding: een kort tekstje waarin doel en achtergrond van de opdracht wordt gegeven. In de inleiding wordt vaak ook een bepaalde sfeer neergezet: is het een spannende opdracht (jullie zijn detectives in de oudheid en jullie gaan uitzoeken wie Cleopatra vermoord heeft), een wetenschappelijke context (jullie zijn professoren aan de universiteit van X en jullie gaan onderzoeken welk virus verantwoordelijk is voor de ziekte waaraan een groot deel van de inwoners van X is overleden) etc.

2.      de opdracht. In de opdracht staat beschreven wat de leerlingen moeten doen en welk eindresultaat ze moeten opleveren. De opdracht moet levensecht zijn, d.w.z. het moet niet alleen gaan om het verwerven van informatie: de opdracht moet de leerlingen aanzetten tot een hoger niveau van leerstofverwerking en bij voorkeur een tastbaar eindresultaat opleveren, bijv. een folder, een artikel, een presentatie enz. Hoe spannender en concreter de opdracht, des te gemotiveerder zal de leerling aan de slag gaan.

3.      verwerking. In dit gedeelte wordt verteld hoe de leerlingen te werk moeten gaan bij het maken van de opdracht. Bovendien krijgen ze elk een eigen rol binnen het team, bijv. voorzitter, wetenschapper of verslaggever of vormgever etc. Eventueel kan hier ook vermeld worden hoeveel tijd ze moeten besteden aan de verschillende stappen.

4.      bronnen. Om te voorkomen dat de leerlingen veel tijd kwijt zijn met het zoeken naar de juiste bronnen, wordt tevoren aangegeven waar ze hun informatie vandaan kunnen halen. Wie aandacht wil besteden aan het beoordelen van bronnenmateriaal kan natuurlijk wel verschillende bronnen geven en de beoordeling van dit bronnenmateriaal als onderdeel van de opdracht geven.

5.      beoordeling of evaluatie en conclusie. Bernie Dodge zelf geeft er de voorkeur aan om dit te zien als aparte onderdelen van de webquest. In de meeste Amerikaanse webquests worden deze onderdelen echter als één geheel behandeld; terwijl in Nederlandse webquests de beoordeling en de conclusie worden gescheiden.

In het onderdeel beoordelingscriteria wordt aangegeven op welke punten het team wordt beoordeeld. Vaak worden daarbij drie gradaties aangegeven: hoe ziet de opdracht eruit als hij perfect is gedaan, aan welke eisen voldoet de opdracht als hij als voldoende wordt beoordeeld en wanneer is de opdracht onvoldoende. Meestal wordt dit in een schema aangegeven, bijvoorbeeld als volgt.

 

goed

voldoende

onvoldoende

Onderdeel of criterium 1,

max. 5 punten: inhoud

De folder bevat ten minste 5 van de volgende elementen:…

De folder bevat ten minste 3 van de volgende elementen: …

De folder bevat 2 of minder van de volgende elementen: …

Onderdeel of criterium 2,

max. 3 punten: vormgeving

De folder heeft op iedere pagina 4 illustraties in kleur

De folder heeft op iedere pagina ten minste 2 illustratie in kleur

De folder heeft per pagina minder dan 1 illustratie in kleur

Onderdeel of criterium 3,

max. 2 punten: taalgebruik en spelling

Per pagina zijn er niet meer dan 5 taal- of spelfouten.

Per pagina zijn er niet meer dan 9 taal- of spelfouten

Per pagina zijn er meer dan 9 taal- of spelfouten

 

Door het resultaat later na afloop met de leerling te bespreken wordt ruimte geboden voor reflectie, vanuit de gedachte: “we leren door te doen, maar we leren nog meer door te bespreken wat we hebben gedaan”. In de conclusie wordt daarom samengevat wat de leerling heeft geleerd. De conclusie bevat vaak een paar (retorische) vragen om de leerlingen aan te moedigen na te denken over de inhoud van de opdracht en hoe hij zichzelf kan verbeteren.

Nut van de webquest

Wat zijn nu de voordelen van de webquest? Een groot voordeel is natuurlijk dat de leerlingen geen tijd meer kwijt zijn met het zoeken naar bronnenmateriaal. Maar ikzelf vind het belangrijker dat de webquest een makkelijke manier is om leerlingen uit te dagen om op een heel gestructureerde manier aan de slag te gaan met informatie. De structuur biedt de leerling een veilige omgeving van waaruit hij zichzelf kan ontwikkelen. Door ieder een eigen rol in het teamproces te geven, krijgt elke leerling de ruimte om te laten zien wat hij kan. De beoordeling staat tevoren vast, dus de leerling kan zelf inschatten hoe goed hij aan de eisen voldoet. En tot slot wordt er expliciet aandacht besteed aan reflectie op het eigen functioneren; iets wat er bij de klassieke manier van opdrachten geven soms bij inschiet. En, last but not least: er zijn talloze webquests op het net te vinden, dus u hoeft bepaald niet zelf het wiel uit te vinden! Er zijn zowel Nederlandstalige webquests als Amerikaanse, webquests voor het basisonderwijs, voor het voortgezet onderwijs en voor het hoger en beroepsonderwijs. Wie goed zoekt zal zeker iets van zijn gading kunnen vinden op het internet!

 

Gebruikte bronnen:

Ø      Een workshop over webquests geschreven door Bernie Dodge: http://www.thirteen.org/edonline/concept2class/month8/

Ø      De virtuele school: Marzano’s 5 dimensies: http://www.virtueleschool.nl/marzano/framer0.html

Ø      Dé Nederlandse site op het gebied van webquests: http://www.webkwestie.nl

Ø      De Amerikaanse site: http://www.webquest.org/. Onder het kopje “top” (http://www.webquest.org/matrix3.php) vindt u de beste Amerikaanse webquests

Ø      Informatie verzameld over de webquest door de net met een prijs onderscheiden geschiedenisdocent Albert van der Kaap: http://histoforum.digischool.nl/queestes/webquests.htm

Ø      Een variant van de webquest op aardrijkskundig gebied is de Geoquest: http://www.geoquest.nl/

Ø      De moderne vreemde talen kennen de talenquest: http://www.kennisnet.nl/thema/talenquest/index.html

 

naar boven