Artikelen
Lastig personeel te vinden?
Door: Margreet van den Berg en Lourense Das
Veel scholen kampen met grote personeelstekorten. Docenten zijn bijna niet meer te vinden, en ook voor het overige personeel is de rek er al lange tijd uit. Bijna iedere school heeft wel een aantal onvervulbare vacatures die tijdelijk worden ingevuld door collega-docenten. Vreemd, als je bedenkt dat op scholen zo’n enorm potentieel aan menskracht rondloopt. Soms wordt daar een beroep op gedaan, bijv. bij het verplaatsen van het meubilair van het ene lokaal naar het andere, bij het schoonhouden van het schoolplein of het vegen van de gangen. Leerlingen worden vaak ingezet op scholen als er hand- en spandiensten te verrichten zijn.
Maar de vraag is of je op die manier wel recht doet aan de capaciteiten die leerlingen hebben. Leerlingen zijn immers niet alleen “muscles”, maar ook “mind”. Althans, daar leiden we ze toch voor op, nietwaar?
Dus waarom de leerling ook niet ingezet voor allerlei andere zaken dan de bovengenoemde. Bij het ontwikkelen van de schoolwebsite gebeurt dat soms al. De techniek van de website is dan de taak van een leerling van de school, de inhoud is veelal de verantwoordelijkheid van een docent. Bij veel scholen is hiermee goede ervaring opgedaan, maar slechts weinig scholen realiseren zich dat deze vorm van samenwerking op veel andere plekken op school ook ingezet kan worden.
De mediatheek is één van die plaatsen. Het is over het algemeen niet efficiënt en ook niet mogelijk om alle dagelijkse praktische werkzaamheden van een mediatheek te leggen in handen van de vakmediathecaris. Daarom worden er vaak vrijwilligers aangetrokken, die worden gezocht onder de ouders van de leerlingen. Sommige mediathecarissen zijn hier fel tegen gekant, bijv. omdat ze vinden dat vrijwilligers onvoldoende weten van onderwijs en didactiek, of omdat ze onvoldoende op hen kunnen rekenen en ze soms zomaar wegblijven zonder zich af te melden. De meeste mediathecarissen geven er daarom de voorkeur aan om te werken met betaalde krachten, maar daarvoor ontbreken vaak de benodigde financiën. Een goedkoop en goed alternatief is de inzet van leerlingen. Zij zijn immers volledig op de hoogte van het reilen en zeilen van de school, en weten als geen ander wat hun medeleerlingen nodig hebben voor hun studie.
Hulp uit eigen gelederen
In het hoger onderwijs is jaren ervaring opgedaan met de inzet van “student-assistenten”. Student-assistenten zijn gewone studenten die werken op de universiteiten. Zij worden ingezet bij allerlei activiteiten: soms krijgen ze administratieve taken, ze worden gevraagd voor het voorbereiden van bepaalde colleges of projecten, en ze worden soms ingezet in de universiteitsmediatheken. Hun taken zijn daar vaak zeer uiteenlopend: variërend van het invoegen van supplementen in losbladige edities tot het uitvoeren van een aantal dagelijkse praktische werkzaamheden in de mediatheek.
Het inzetten van deze student-assistenten, brengt vele voordelen met zich mee.
Allereerst zijn het goedkope arbeidskrachten. Ze werken vaak tegen het minimumloon, maar hebben wel veel meer know-how dan niet-studenten die je kunt werven voor het minimumloon. Voor studenten is een dergelijke baan vaak heel aantrekkelijk omdat het werk veelal tijdens tussenuren en in pauzes uitgevoerd kan worden en er daardoor veel tijd overblijft voor andere zaken. Doordat studenten al op de werkplek aanwezig zijn, kunnen ze ook flexibel ingezet worden. “Een uurtje werken tussendoor” behoort vaak tot de mogelijkheden. Voor de student “lekker verdiend”; voor de mediathecaris prettig om alleen dan arbeidskrachten in te zetten wanneer daar ook werkelijk behoefte aan is.
Naast dit financiële argument zijn er nog andere redenen om student-assistenten in te zetten in het beheer van de mediatheek. Ze functioneren ook als “tolk” tussen mediathecaris en gebruikers. Doordat zij zelf aan den lijve ervaren wat het werken in een mediatheek feitelijk inhoudt, kunnen ze het hoe en waarom van bepaalde regels in de mediatheek goed overbrengen aan hun medestudenten. Andersom gebeurt het ook dat ze met de mediathecaris overleggen over de wensen van hun medestudenten omtrent de mediatheek. Met andere woorden: de student-assistenten zijn een prima gebruikersplatform voor de mediatheek!
Het handhaven van de orde in de mediatheek gaat de studenten vaak wonderwel af. Voor studenten is het soms bijna een sport om je te verzetten tegen het “heersende gezag”. Je verzetten tegen een medestudent is vaak lastiger: de sociale controle in zo’n groep laat dat niet toe. Natuurlijk betekent dat wel dat je niet iedereen als student -assistent kunt aannemen. Een student met natuurlijke leiderscapaciteiten die vlot is in de omgang met medestudenten zal op dit punt beter scoren dan een student die een beetje het buitenbeentje is van de groep.
Werkt dit in het voortgezet onderwijs?
Alhoewel de situatie in het voortgezet onderwijs anders is dan hierboven beschreven, zijn er goede ervaringen opgedaan met de inzet van leerling-assistenten in de mediatheek.
Ook in het voortgezet onderwijs geldt dat leerlingen goed op de hoogte zijn van de schoolspecifieke situatie en van de eisen die aan hen worden gesteld. Het lesprogramma en de lesboeken hebben voor hen geen geheimen, het docentenkorps is bekend en de mede-leerlingen kunnen met naam worden aangesproken. Het spreekt vanzelf dat de inzet van leerling-assistenten alleen succesvol is als deze leerlingen zelf kiezen voor een dergelijke job. Leerlingen inzetten voor werkzaamheden in de mediatheek bij wijze van straf of extra werk zal juist zeer negatieve gevolgen hebben voor de positie van de mediatheek binnen de school.
Leerling-assistenten kunnen uitstekend worden ingezet voor werkzaamheden die in veel mediatheken nu door vrijwilligers worden uitgevoerd. Je kunt hierbij denken aan praktische zaken zoals het uitlenen en innemen van materialen, opruimwerkzaamheden en eenvoudig administratief werk. Maar leerling-assistenten kunnen ook worden ingezet bij eenvoudig inlichtingenwerk en het helpen van leerlingen bij het gebruik van de vele soft- en hardware in de mediatheek. Je kunt hierbij denken aan het assisteren bij het gebruik van office-pakketten en het zoeken in de catalogus. Zoals hierboven ook al aangegeven worden de kennis en vaardigheden van leerlingen op het terrein van ICT regelmatig ingezet als het gaat om het ontwerpen en onderhouden van de school-website. Dus waarom ook niet gebruik maken van dit potentieel in de mediatheek? Evenals in het hoger onderwijs geldt ook hier dat het mes aan twee kanten snijdt: je hebt de beschikking over gemotiveerde medewerkers die veel werk uit handen nemen, terwijl zij tegelijkertijd ideeën inbrengen die het gebruik en de effectiviteit van de mediatheek kunnen bevorderen. Bovendien levert het de leerlingen zelf ook iets op : verbetering van hun informatievaardigheden, directe toegang tot alle informatiebronnen en contacten met leerlingen in alle leerjaren.
De ervaring heeft geleerd dat mits de leerlingen hier zelf uitdrukkelijk voor kiezen, de hulp van leerlingen in de mediatheek een positieve bijdrage kan leveren aan de positie van de mediatheek in de school. De mediatheek wordt een plek van henzelf, waar zij hun ‘ziel en zaligheid’ in kunnen leggen, zoals andere leerlingen dit doen in de toneelclub of de computerclub.
Voorwaarden
Om de inzet van leerling-assistenten tot een succes te maken, zul je wel een aantal zaken moeten regelen.
Belangrijk is dat het werken in de mediatheek in ieder geval als een positieve actie wordt gezien, en zeker niet als straf. Het mediatheekwerk is een activiteit waarvoor leerlingen zich kunnen aanmelden. Eventueel kunnen fanatieke mediatheekbezoekers worden benaderd door de mediathecaris met de vraag of zij zin hebben om te werken in de mediatheek. Het is belangrijk leerlingen uit verschillende leerjaren in te zetten, zowel jongens als meisjes. Deze leerlingen moeten goede communicatieve eigenschappen bezitten en in staat zijn op een goede maar vooral ook leuke manier met de andere leerlingen om te gaan. Uiteraard moeten de leerlingen beschikken over een bovengemiddelde interesse in ICT, informatie en literatuur. Maar uitgaande van het feit dat leerlingen zelf heel bewust kiezen voor het werken in de mediatheek, zou dit geen probleem moeten vormen.
Evenals bij het aantrekken van ander (vrijwillig) mediatheekpersoneel, moet er rekening mee gehouden worden dat ook deze medewerkers moeten worden getraind, ingewerkt, begeleid en ondersteund. Het laten volgen van een opleiding of cursus buiten schooltijd is meestal geen optie, daarom vergt de inzet van leerling-assistenten in eerste instantie veel werk van de mediathecaris. Het investeren in deze leerlingen is echter wel een voorwaarde voor het laten slagen van het project.
Naar onze mening verschilt het werk van leerlingen in de mediatheek niet zo heel veel van de inzet van leerlingen voor (buitenschoolse) activiteiten. Dat wil zeggen dat een docent die leiding geeft aan een schoolorkest of een toneelclub, de leerlingen serieus neemt, in hun waarde laat, laat meepraten, op hun eigen niveau laat participeren en dus volwaardig laat meedoen. Ook in de mediatheek geldt dat leerlingen hun werk in de mediatheek alleen als plezierig zullen ervaren en dus ook goed zullen uitvoeren, als zij zich op hun gemak voelen en serieus genomen worden.
Het spreekt voor zich dat je bereid moet zijn een tegenprestatie te leveren voor het werk dat de leerling-assistenten verzetten. Het makkelijkste is het als je over een budget kunt beschikken waarmee je de leerlingen een salaris kunt betalen. Het bieden van een salaris inclusief arbeidsovereenkomst is om financieel-technische redenen vaak niet mogelijk. Maar een financiële vergoeding is niet de enige mogelijkheid die je ter beschikking staat.
Je kunt de leerling ook in natura betalen. Regelingen omtrent het gratis gebruik van p.c.’s, het maken van printjes en kopieën, maar misschien zijn er ook regelingen binnen de school waarbij personeel goedkoop software kan aanschaffen. Een dergelijke regeling kan misschien ook gebruikt worden voor de honorering van leerling-assistenten. Zijn er veel leerling-assistenten binnen de school, en heeft de school nog ergens een ruimte over, dan is het een goed idee om een aparte “koffiekamer voor leerling-assistenten in te richten.
Bij sommige (beroeps)opleidingen moeten leerlingen stage lopen. Werken in de mediatheek kan natuurlijk een heel zinvolle stage zijn. Misschien zijn er ook mogelijkheden om het werken in de mediatheek te belonen met studiepunten of vrijstelling voor andere activiteiten.
Voorafgaand aan de aanstelling zal er altijd een sollicitatiegesprek moeten plaatsvinden. Belangrijk is dat de daar gemaakte afspraken worden vastgelegd in een (arbeids)overeenkomst. Onderdeel van deze afspraken moet zijn het vastleggen van de taken en verantwoordelijkheden. Dat schept niet alleen duidelijkheid voor beide partijen, maar een echte (arbeids)overeenkomst kan een leerling later ook op zijn of haar c.v. vermelden. Ook zal na beëindiging van het contract een getuigschrift opgesteld moeten worden dat de leerling bij zijn verdere loopbaan kan gebruiken.
Last but not least zul je de leerling-assistenten ook werkelijk een plek moeten geven in het mediatheekwerk. Iedere leerling-assistent zal zoveel mogelijk op zijn of haar eigen niveau moeten functioneren en moet natuurlijk ook kunnen meepraten over het reilen en zeilen van de mediatheek. Pas dan zul je hun capaciteiten volledig kunnen benutten.
Toekomst?
Op Amerikaanse scholen is het niet ongebruikelijk dat leerlingen verplicht worden tijdens hun schoolloopbaan een maatschappelijk verantwoorde activiteit te ontwikkelen. Daarvoor worden allerlei invullingen gevonden, variërend van een baantje bij een zorginstelling, een dierenasiel of andere bedrijven met een maatschappelijk belang tot het werken voor een ideële organisatie als Greenpeace of Amnesty etc. Met deze activiteit verdient de leerling ook studiepunten. Het Nederlandse onderwijs kent een dergelijke verplichting niet, maar het staat scholen natuurlijk vrij om een dergelijk systeem te ontwikkelen. De betrokkenheid van de leerlingen bij de school zal daardoor zeker groter worden. Wij vermoeden dat maar weinig ouders bezwaar zullen hebben tegen een dergelijke regeling als hen duidelijk gemaakt kan worden dat hierdoor zowel meer tijd als geld vrij zal komen voor extra activiteiten, waardoor de kwaliteit van het onderwijs zeker verbeterd wordt.
